De TCLP-keten

Hergebruik wordt een georganiseerde route.

TCLP verbindt project, techniek, logistiek en nieuwe vraag. Elke stap is gericht op het behouden van zoveel mogelijk functionele waarde.

01Snel én zorgvuldig demonteren

Snel genoeg om de kosten laag te houden, zorgvuldig genoeg om beschadiging en afval te beperken, zonder de renovatie te vertragen. In de praktijk is dit een van de lastigste schakels.

02Innemen en transporteren

Producten worden gebundeld en via een goed georganiseerde, traceerbare route naar controle en tijdelijke opslag gebracht.

03Technisch beoordelen

TCLP bepaalt welke armaturen direct bruikbaar zijn en waar reiniging, herstel of vervanging nodig is.

04Reinigen en herstellen

Waar verantwoord worden producten getest, gereinigd en voorzien van geschikte onderdelen.

05Beschikbaar maken

Bruikbare armaturen worden gedocumenteerd, opgeslagen en vindbaar gemaakt voor nieuwe projecten.

06Opnieuw inzetten

Vraag en aanbod worden gekoppeld, zodat bestaande verlichting opnieuw waarde levert.

Geen eindpunt, maar een kringloop

  1. Project A
  2. TCLP
  3. Project B
  4. TCLP
  5. Project C

Verlichting uit het ene project wordt de voorraad voor het volgende. Daarna begint de route opnieuw.

Voorbeeld van een TCLP-productlabelGetekend voorbeeld van het productlabel: een witte, liggende sticker op een donker profiel. Links een vierkante code, in het midden de tekst www.tclp.nl, rechts een streepjescode met daaronder de fictieve voorbeeldcode DEMO-001. De codes zijn een illustratie en werken niet.www.tclp.nlDEMO-001
QR-vlak en streepjescode zijn illustratief.

Elk product een eigen identiteit

TCLP kan ieder geregistreerd product koppelen aan een uniek ID, op een fysiek label. Zo blijft het herkenbaar tijdens demontage, beoordeling, opslag en herinzet.

Per ID legt de eigen database vast welk product het is, waar het is (in opslag of in een project) en sinds wanneer. Zo worden beweging en levensloop van geregistreerde producten inzichtelijk.

Materialen niet afschrijven, maar opschrijven. Een gedachte die aansluit bij Thomas Rau.

De database: het geheugen van de keten

Identiteit en locatie worden per uniek ID nu al vastgelegd. Daarop kan de registratie een traceerbare producthistorie en een steeds completer levenscyclusbeeld opbouwen.

  1. Identiteitnu al Welk product of onderdeel is het, onder welk uniek ID?
  2. Technische staatWelke beoordeling en eventuele bewerking heeft plaatsgevonden?
  3. Locatienu al Waar bevindt het geregistreerde product zich, en sinds wanneer?
  4. Gebruik en herinzetIn welk project is het toegepast en wat wordt de mogelijke volgende bestemming?
  5. PraktijkdataLater bijvoorbeeld gebruiksuren en temperatuur, als basis voor toekomstige keuzes.

Terug naar de database

De database registreert niet alleen producten, maar kan de basis vormen voor rapportages, beoordeling, herinzet en productontwikkeling.

  • Later uitbreidenDe database kan later worden gekoppeld aan productgegevens van fabrikanten en aan milieuproductverklaringen (EPD’s), en worden aangevuld met gebruiksuren en toepassings- en omgevingsgegevens, zoals temperatuur en gebruiksomstandigheden.
  • Nieuw en hergebruik vergelijkenMet beschikbare en verifieerbare milieuproductgegevens, zoals EPD’s, kan TCLP de milieubelasting van nieuw en hergebruik per project vergelijken. Daarbij moeten ook transport, inspectie, eventuele herstelwerkzaamheden en de resterende gebruiksduur worden meegenomen.
  • RapportagesZo kunnen rapportages inzicht geven in aantallen, materialen, herinzet en, wanneer de gegevens en rekenmethode dit toelaten, de berekende CO2-impact. Een onderbouwde rapportage kan klanten mogelijk ondersteunen bij duurzaamheidsverantwoording en bij regelingen of toekomstige rapportageverplichtingen.
  • Waarde voor klanten en fabrikantenNaarmate meer praktijkdata beschikbaar komt, kunnen verbanden zichtbaar worden tussen toepassing, levensduur, inspectiemoment en refurbishment. Dat kan bruikbare praktijkinformatie opleveren voor klanten en fabrikanten.